Alles is één …

Dat alles één is, wordt in de wandeling al gauw een moordende dooddoener die onverschilligheid camoufleert. Maar als ik er vanuit de stilte naar kijk, is ‘t het mooiste en dankbaarste geschenk dat denkbaar is. Het leidt niet tot een gevoel van: wat doet het er toe? maar tot: nou snap ik het; àlles doet ertoe!

Als elk van de tienduizend dingen, zoals dat dan heet in zen-jargon, voor mij de Dharma is geworden, dan wordt tegelijkertijd alles een kanaal van liefde, vertrouwen en overgave, ook ik- en jijzelf. Van lieverlee kan ik me meer overgeven aan de open vanzelf-beweging van het leven zoals het is. En ik kan daar steeds beter één mee zijn. Ja, langs dat pad smaakten de boeddha’s van alle tijden hun verlichting.

Dat alles één is, rechtvaardigt de eindeloze variatie van alle dingen en verzoent me met de oneindige verschillen en de niet aflatende verandering waaraan alles in dit bestaan ten prooi valt. Vergankelijkheid noemen we dat. Reeds in het leven sterft alles elk moment een dood en kunnen we ervaren dat elke dood meteen geboorte is. Dat alles één is, vormt geen kooi van lethargie, maar een bron van onuitputtelijke dankbaarheid. De tijd is niet langer een gevangenis, maar een scherm, waarop de voortdurende verandering, de voortdurende vanzelfbeweging van het leven wordt geprojecteerd. In die beleving staat de tijd stil, is er geen tijd, is er alleen maar eeuwigheid. En zo kan ik zien dat er alleen maar eenheid is, het Ene, waar al die tienduizend dingen uit voortspruiten en in terugkeren. Ooit maakte ik een versje in haikuvorm, dat ik soms als opdracht schrijf in een weggeefboek:


Werkelijk vrij zijn
volgt uit het stille besef
dat alles één is.

De perfecte wijsheid voorbij alle wijsheid verwijdert zich niet van het gewone leven, maar is er volkomen één mee. Er is geen reden me af te keren van het leven, integendeel. Ik hoef niet op een bergtop te gaan zitten. Of in een grot, tien, twintig jaar van de mensheid verwijderd. Als ik inzie dat alles één is, kan ik de markt van het leven betreden. Precies zoals ik ben. Met een rugzak vol met attributen uit het arsenaal van Avalokiteshvara; ik gebruik ze allemaal. een boeddhabeeld, een vaas, een wilgentak, een pijl-en-boog, een bijl, een zwaard, een bel, een drietand, een lotusbloem, een soetrarol, een vijzel met stamper, een speer, een staf met ringen en nog veel meer: ik zal de boeddha-leer niet, nooit institutionaliseren, ik wil liefde en innerlijke vrede brengen, ik zal proberen ieder te beschermen tegen onheil van buiten, ik streef er naar in alle vergankelijkheid altijd in verbinding te zijn, ik tracht ieder met persoonlijke problemen bij te staan, ik draag een zuiver hart, compassie, meditatie en devotie hoog in mijn vaandel.